Perfecte kennis van de prijzen van de verse producten is een essentieel wapen om ervoor te zorgen dat de handelaars en distributeurs hun winstmarges ten nadele van de consumenten vergroten. Maar vaak is het moeilijk om uit het enorme aanbod in de winkels en uit de verscheidenheid daarvan nog wijs te geraken.
Drie grote productcategorieën
De winkelketens bieden de consument producten aan die onder drie soorten van verschillende merken voorgesteld kunnen worden:
- De eerste prijzen. Dat zijn producten die worden aangeboden tegen de laagste prijs van die categorie in de winkels. Deze producten vind je vooral in de afdeling van de grote verbruiksgoederen en dragen niet noodzakelijk het winkelmerk. Delhaize biedt "365" aan, het antwoord van Colruyt daarop is "Everyday" en Carrefour heeft zijn merk "N°1". Voor de consumenten zijn ze herkenbaar aan een lage prijs. Vaak staat die lage prijs synoniem voor minder informatie over de productsamenstelling, maar niet altijd voor mindere kwaliteit. De OIVO-studie over de "Eerste prijzen en kwaliteit" Eerste prijzen en kwaliteit staat boordevol informatie daarover. Bovendien verklaart 1 op de 3 consumenten dat hij/zij de voorkeur geeft aan de goedkope producten en de minder dure merken De consument en de crisis
- De distributeurmerken (DM). Ze worden uitgestald onder de naam van de distributeur (Delhaize, Colruyt enz.), van specifieke merken (Rungis, Kelvin bij Colruyt, bijvoorbeeld) of worden verkocht door Aldi of Lidl. Ze positioneren zich door te melden dat ze een kwaliteit leveren die equivalent is aan die van de nationale merken maar tegen een lagere prijs, iets waar de consumenten zeer gevoelig voor zijn. Zo zeggen 3 op de 4 consumenten dat ze distributeurmerken (DM) kopen en zegt 1 op de 2 dat hij/zij producten van grote merken (nationale merken) koopt. De studies van het OIVO of van andere onderzoekscentra in Europa bevestigen die vaststelling. De handelaars en distributeurs kennen ze onder de benaming "private label". Deze merken zijn eigendom van de distributeurs.
- De nationale merken of producentenmerken. Het zijn vaak benamingen die geassocieerd worden met bedrijven (Nestlé, Kraft, Unilever, Procter & Gamble, Danone, Kellog’s enz.) of met producten die gemaakt zijn door nationale of internationale firma's. Deze merken zijn eigendom van de producenten.
De prijzen variëren
Hoewel de waarde van de korf van de huisvrouw sinds augustus 2008 met 3,34% gedaald is, hebben bepaalde producten en diensten een grote prijsstijging ondergaan en was er een even grote prijsdaling voor andere producten.
De analyse van de evolutie van de prijzen per productcategorie toont aan dat de productcategorieën, in de korf van de huisvrouw, heel uiteenlopende prijsveranderingen ondergaan hebben sinds augustus 2008.

De nationale merken
Terwijl een kwart van de producten van een nationaal merk hun prijzen zagen verlagen in verhouding tot de evolutie, was er voor 4 op de 10 producten van een nationaal merk een prijsstijging die meer bedroeg dan de stijging van de prijzenindex en gold voor 1 op de 3 producten geen betekenisvolle verandering.

In het geval van de betreffende limonade zijn de eerste prijzen niet veranderd, terwijl de nationale merken hun prijzen verlaagd hebben. Die prijsdaling betekent echter niet dat de prijs van het nationale merk lager is dan die van de eerste prijs!

Onder de margarines hebben een aantal nationale merken niet geaarzeld om hun prijzen met mee dan 14% te verhogen terwijl de prijzenindex voor die producten daalde. Tegelijkertijd verhoogden de distributeurmerken ook hun prijzen (zij het maar half zo ingrijpend).
De eerste prijzen
Een derde van de "Eerste prijs"-producten die in de korf van de huisvrouw opgenomen zijn, kenden een prijsdaling. Dat is bijvoorbeeld het geval voor sinaasappelsap in een tetrapack van 1 liter. Terwijl de prijs globaal stabiel gebleven is voor de nationale merken en de DM, hebben bepaalde winkelketens niet geaarzeld om prijzen te verlagen.

Tegelijkertijd kenden de "Eerste prijs"-producten grote prijsstijgingen (+27%). Dat gold onder andere voor zuivelproducten, terwijl de nationale merken hun prijzen verlaagden. Een derde van de "Eerste prijs"-producten in de korf van de huisvrouw ondergingen geen enkele prijsverandering sinds augustus 2008.

De distributeurmerken
De helft van de producten van distributeurmerken (53%) die in de korf van de huisvrouw zitten, ondergingen een prijsstijging terwijl de prijs van de andere helft (47%) stabiel bleef. Minder dan 1% van de producten vertoonden een prijsdaling.

Een voorbeeld: de pasta's. De producten van de distributeurmerken ondergingen een prijsstijging met 26%, terwijl in diezelfde periode de nationale merken hun prijzen maar heel licht verhoogden. Ofwel hebben de distributeurs de prijs verhoogd van de producten die de consumenten moeilijker kunnen vergelijken, ofwel hebben de nationale merken hun prijzen anticiperend verhoogd. In de loop van het eerste kwartaal van 2008 was er zo een prijsstijging van 9% voor de pasta's. Die stijging ligt evenwel veel hoger bij de distributeurmerken.
Achter een bepaalde prijs kan een andere prijs schuilgaan
Bij het ontleden van de gegevens over de stijging en daling van de prijzen, mag de consument zich terecht vragen stellen bij de grootte van de verschillen binnen een zelfde productcategorie.
Prijsopnemingen die het OIVO in het kader van de korf van de huisvrouw uitvoerde, onderstrepen de noodzaak om de prijzen systematisch te vergelijken en tonen nog maar eens aan dat de opgetekende prijsstijgingen en -dalingen de weerspiegeling zijn van verrassende commerciële strategieën zoals de prijsstijging voor de producten van distributeurmerken waarvoor prijzen vergelijken moeilijk blijkt te zijn voor de consument, van de wijziging van de productsamenstelling naar minder goede kwaliteit, van de vermindering van het gewicht het gebruik van koppelverkoop of van verkoop in voorverpakking.